![]() |
![]() |
Partner pensioen |
| Partner pensioen.... Als uw partner overlijdt, krijgt u misschien een eenmalige uitkering van een kapitaal- of overlijdensrisicoverzekering. De hypotheekbank heeft een dergelijke verzekering vaak verplicht gesteld om te voorkomen dat een overlijden leidt tot een verliesgevende executoriale verkoop van de woning. Zo'n verzekering is geen garantie voor een gelijkblijvende levensstandaard. Dat hangt vooral af van de hoogte van het reguliere inkomen na overlijden: Voorbeeld: Man is geboren in 1950 en gaat in 2015 met pensioen. Zijn ouderdomspensioen is 70% van zijn gemiddelde salaris van € 50.000. Het partnerpensioen is daar weer 70% van. Het bedrag van € 50.000 wordt verminderd met een AOW-franchise van €13.000. Het eindresultaat is dan (70% x 70%=) 49% van (€ 50.000 - € 13.000 =) € 37.000 = € 18.000. Het jaarinkomen van zijn partner gaat na het overlijden dus exclusief AOW omlaag van € 50.000 naar slechts €18.000. Het partnerpensioen is bovendien de laatste jaren behoorlijk verslechterd. Een partnerpensioen van 70% is niet meer standaard. Het kan goed zijn dat u er op uw 65e achterkomt dat u 15% tot 20% van uw ouderdomspensioen moet inleveren om een partnerpensioen in te kopen. Vanaf 2009 ruilen pensioenfondsen bij pensionering automatisch een deel van het ouderdomspensioen in voor partnerpensioen. U kunt dat weigeren, maar alleen met instemming van uw partner. VERZEKERD PARTNERPENSIOEN Tot eind jaren negentig waren ouderdoms- en partnerpensioen nog vrijwel identiek. Er werd kapitaal opgebouwd. Daarnaast werd er voor het partnerpensioen een verzekering afgesloten voor ongeveer 70% van het ouderdomspensioen dat bereikt zou worden op 65-jarige leeftijd. Veel pensioenfondsen hebben die verzekering in stand gehouden, maar de kapitaalopbouw voor het partnerpensioen geschrapt. Een verzekerd partnerpensioen wordt ook wel partnerpensioen op risicobasis genoemd Sommige pensioenfondsen bouwen nog we een partnerpensioen op vanaf 65 jaar, maar niet meer vóór die tijd. Wie al ruim voor 2000 pensioenpremie betaalde, heeft vaak nog een deel opgebouwd partnerpensioen. Sommige pensioenfondsen hebben hun klanten aangeboden dat opgebouwde partnerpensioen om te zetten in extra ouderdomspensioen. Dat kan gunstig zijn: het ouderdomspensioen neemt dan toe en tegelijkertijd stijgt het partnerpensioen, dat bijvoorbeeld verzekerd is op 70% van het ouderdomspensioen. Het omruilen van ouderdomspensioen voor partnerpensioen is een wettelijk recht waarvan iedereen vanaf 2008 gebruik kan maken, ook als de pensioenregeling helemaal niet voorziet in een partnerpensioen. Het recht betreft alleen het ouderdomspensioen opgebouwd vanaf 1 januari 2008. Een pensioenfonds kan een ruimhartiger beleid hanteren, maar dat hoeft niet. Het omgekeerde recht bestaat ook. Wie eer partnerpensioen opbouwt en dat als alleenstaande niet wil, mag dit sinds 2002 bij indiensttreding en pensionering inruilen voor een hoger ouderdomspensioen of het ouderdomspensioen eerder laten ingaan. Ook hier geldt het recht alleen voor partnerpensioen opgebouwd vanaf de wettelijke datum, in dit geval 1 januari 2002. Ongeveer de helft van de pensioenfondsen biedt de mogelijkheid om al het opgebouwde partnerpensioen om te ruilen in ouderdomspensioen. EEN NIEUWE BAAN. Werknemers worden bij indiensttreding geïnformeerd over de pensioenregeling van hun nieuwe werkgever. Soms kan daarbij ook gekozen worden voor extra partnerpensioen, maar de verleiding is groot dat niet te doen. Wie zich later bedenkt en een beter partnerpensioen wil, moet erop rekenen dat de werkgever een gezondheidsverklaring eist. Het is wettelijk verboden om bij indiensttreding een dergelijke medische verklaring te vragen, maar dat verbod geldt niet als de werknemer op een later tijdstip zijn keuze wil herzien. Wie in deze tijd overstapt naar een andere werkgever, kan zijn opgebouwde pensioen vaak niet overdragen naar het pensioenfonds van de nieuwe werkgever. Veel pensioenfondsen hebben nu een dekkingsgraad van minder dan 100% en zolang dat het geval is, is waardeoverdracht niet toegestaan. Wie bij zijn vorige werkgever een verzekerd partnerpensioen had, raakt deze verzekering kwijt zodra hij uitdienst is. In dat geval is het verstandig een deel van het ouderdomspensioen van de vorige werkgever te gebruiken om bij het betreffende pensioenfonds partnerpensioen in te kopen. ECHTSCHEIDING Bij een echtscheiding worden de pensioenrechten sinds 1 mei 1995 verdeeld op grond van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding. De ex-partner heeft recht op het partnerpensioen dat is opgebouwd tot de datum van de echtscheiding. Deze aanspraak heet bijzonder partnerpensioen en wordt in een aparte polis ondergebracht. Dat is echter alleen mogelijk als er een spaarpotje is opgebouwd voor het partnerpensioen. Bij een verzekerd partnerpensioen (dus zonder kapitaalopbouw) vervalt de dekking voor de ex-partner zodra de echtscheiding is uitgesproken. Als de pensioendeelnemer overlijdt voordat diens pensioenuitkeringen begonnen zijn, krijgt de ex-partner ook geen verevend ouderdomspensioen uitgekeerd. De enige optie om bij voortijdig overlijden nog iets van het pensioen terug te zien, is kiezen voor conversie. Dan krijgen beide exen een zelfstandige aanspraak op het ouderdomspensioen. Is er sprake van opgebouwd partnerpensioen, dan wordt dat in deze verdeling betrokken. De pensioenuitvoerder moet wel bereid zijn tot conversie, anders gaat het niet door. TIJDELIJK VERLOF Wie kiest voor tijdelijk verlof bij zijn werkgever - bijvoorbeeld een sabbatical - hoeft niet te vrezen voor het partnerpensioen. In artikel 56 van de Pensioenwet staat namelijk: 'Indien de pensioenovereenkomst voorziet in een partnerpensioen is het opnemen van onbetaald verlof tot een maximum van 18 maanden door de deelnemer niet van invloed op de dekking van het partnerpensioen'. Tijdens de verlofperiode is er echter geen opbouw van partnerpensioen en ouderdomspensioen. UIT DIENST TREDEN Zodra een werknemer uit dienst gaat, vervalt het verzekerd partnerpensioen. Hij betaalt immers geen premie meer. Wie vervolgens een eigen bedrijf begint, moet het daarna zonder partnerpensioen stellen. Sommige pensioenfondsen bieden ex-werknemers de mogelijkheid na ontslag nog drie jaar te blijven deelnemen aan de pensioenregeling. De ex-werknemer kan dan drie jaar lang pensioenpremies blijven aftrekken. Er zijn wel enkele voorwaarden, bijvoorbeeld dat de betrokkene als werknemer minimaal drie jaar aan de pensioenregeling heeft meegedaan en nog minstens drie jaar verwijderd is van zijn 65e. Deze regeling kan ook gebruikt worden om het partnerpensioen voort te zetten. Als het pensioenfonds geen regeling heeft voor ex-werknemers, kan de ex-werknemer een deel van het opgebouwde ouderdomspensioen inruilen voor partnerpensioen op het moment dat hij uit dienst gaat (zie ook hiervoor). Wie na onvrijwillig ontslag recht hoeft op een WW-uitkering, heeft per 1 januari 2008 recht op voortzetting van het verzekerd partnerpensioen bij het pensioenfonds van zijn oude werkgever. Dat is vastgelegd in artikel 55 lid 5 van de Pensioenwet. Wie tijdens de dienstbetrekking geen verzekerd partnerpensioen had, valt hier niet onder. Dat geldt bijvoorbeeld voor mensen met een partnerpensioen met kapitaaldekking en voor mensen die in hun pensioenregeling geen partnerpensioen hadden. Het verzekerd partnerpensioen bij WW wordt afgeleid van het ouderdomspensioen dat is opgebouwd tot de datum van uitdiensttreding. Een voorbeeld: een werknemer is acht jaar in dienst en heeft € 5000 ouderdomspensioen opgebouwd. Blijft hij tot zijn 65e doorwerken, dan heeft hij € 20.000 opgebouwd. Terwijl hij in dienst is, heeft hij een verzekerd partnerpensioen van (70% x € 20.000 s) € 14.000. Als hij na acht dienstjaren in de WW belandt, is er op dat moment een partnerpensioen verzekerd van (70% x € 5000 =) €3500. Voorziet de pensioenregeling in 50% partnerpensioen, dan geldt tijdens de WW-periode een verzekerd bedrag van (50% x € 5000 =) € 2500. In sommige situaties vervalt het verzekerde partnerpensioen terwijl er wel sprake is van werkloosheid. De ex-werknemer kan een ontslagvergoeding krijgen die deels moet worden verrekend met een fictieve ontslagperiode, waardoor de WW-uitkering later ingaat. In dat geval is er geen partnerpensioen verzekerd tijdens de fictieve ontslagperiode. Datzelfde gebeurt als de ex-werknemer tijdens de WW-periode ziek wordt of zwanger raakt en daardoor in de Ziektewet komt. Na dertien weken Ziektewet wordt de WW-uitkering vervangen door een ZW-uitkering en vanaf dat moment vervalt het verzekerde partnerpensioen. PENSIOEN Vlak voor de pensionering is er een afscheidsgesprek met de salarisadministratie. Hoe gaat het pensioen eruit zien? Dit is de laatste mogelijkheid om nog iets te veranderen aan het partnerpensioen. Er kan ouderdomspensioen worden ingeleverd voor extra partnerpensioen of andersom. Pensioenfondsen mogen daarbij geen onderscheid maken op basis van sekse. Vrouwen en mannen krijgen allebei evenveel partnerpensioen voor iedere euro ouderdomspensioen. De ruilverhoudingen verschillen per pensioenfonds, omdat er gekeken wordt naar leeftijd en geslacht van de deelnemers. Voor een pensioenfonds is een partnerpensioen veel goedkoper dan een ouderdomspensioen. Standaard levert € 100 aan opgebouwd partnerpensioen bij uitruil op 65-jarige leeftijd € 35 extra ouderdomspensioen op. Omgekeerd brengt € 100 aan opgebouwd ouderdomspensioen bij 65 jaar circa € 350 partnerpensioen op. Een ouderdomspensioen van € 10.000 wordt in het laatste geval omgezet in een ouderdomspensioen van € 8320 en een partnerpensioen van € 5880. Het ouderdomspensioen gaat dan dus met bijna 17% omlaag. Het is niet mogelijk het ouderdomspensioen volledig in te ruilen voor partnerpensioen. Het partnerpensioen mag maximaal 70% zijn van het ouderdomspensioen dat na de uitruil overblijft. In het rekenvoorbeeld hiervoor is € 5880 dus het maximaal haalbare partnerpensioen. Ouderdomspensioen ruilen voor partnerpensioen kan bij het beëindigen van het dienstverband en in het laatste jaar vóór ingang van het ouderdomspensioen. |
![]() |
| Kantoor Brunssum: Roekenveldweg 1 - +31(0)45 5710611 |
Kantoor Roermond: Willem II singel 20 - +31(0)475 318600 |
| |
© 2011 Hypotheek-planners.nl |
|
Hypotheken Hypotheken ABC Buitenland Hypotheek Rente verwachting Rekenmodules Arrangementen Formulieren Werf een klant |
Verzekeringen Inkomsten verz. Levens verz. Schade / zorg verz. Verz. afsluiten Rekenmodules Arrangementen Formulieren Werf een klant |
Pensioen Pensioen. Partner pensioen. Lijfrente. Rekenmodules Werf een klant |
Sparen/beleggen Sparen Beleggen. Rekenmodules Werf een klant |
Borging/beloning Borging Beloning Werf een klant |
Kantoren Brunssum Roermond Contact Werf een klant |